Nederlandse burgerman

Voor de Nederlandse beeldhouwer Oswald Wenckebach geeft dit levensgrote bronzen de kleine Nederlandse burgerman weer. In zijn lange overjas, de handen losjes op de rug, de linkervoet een half stapje naar voren, het hoofd iets achterover en naar rechts gekanteld, maakt de man een parmantige maar ontwapenend zorgeloze indruk. Op zijn plek bij de entree van het Kröller-Müller Museum staat Meneer Jacques symbool voor de tentoonstellingsbezoeker.

Reeks van acht

Wenckebach streeft naar een strakke, beheerste vormgeving. Daarbij is de Griekse klassieke beeldhouwkunst zijn voorbeeld. Tijdens een vakantie in 1953 in Zuid-Frankrijk begint hij aan een reeks van acht beelden met meneer Jacques in de hoofdrol. Dit herkenbare en pretentieloze beeld is het laatste in de serie.

Publiekslieveling en boegbeeld

Het beeld krijgt bij de opening van de beeldentuin in 1961 een prominente plaats op het gazon links van het museum. Op nagenoeg dezelfde plaats siert Meneer Jacques ook nu nog het entreepad. Hij is niet alleen een publiekslieveling maar ook een boegbeeld van het museum.